Zet een pannetje met de rozijnen, water, twee eetlepels suiker en eventueel een theelepel rum-aroma op het vuur en laat een kwartiertje zacht pruttelen. Daarna af laten koelen en lekken in een zeef.
2
Deeg:
3
Kneed de ingredinten in een kom tot een egaal deeg en zet het 30 min. in de koelkast.
4
Schil nu de appels en maak ze goed schoon. Er mag geen pitje of klokhuisschilletje in zitten!
5
Snijd ze in stukjes van ongeveer 1 cm3 en laat ze minstens een uur marineren in de overige ingredinten.
6
Beboter de taartvorm en bestuif deze met bloem. Bloemoverschot eruit gooien.
7
Rol twee derde van het deeg uit tot een dikte van ongeveer 1 cm en leg deze in de taartvorm.
8
Roer de rozijnen door het appelmengsel en giet deze dan in de taartvorm.
9
De rest van het deeg gebruik je om de bovenkant met repen te garneren.
10
Besmeer de bovenkant met losgeklopt ei en strooi er kristalsuiker overheen.